Pos Kayuda en Roi Sanchie

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Op donderdag 19 december maakten we onze laatste wandeltocht van 2013. En, omdat er nog een hoop te verkennen is in het gebied van Zevenbergen in het Christoffelpark, bedachten we voor die dag een extra lange tocht van een subtop van de Seru Gracia door een rooi zonder naam naar Pos Kayuda en daarvandaan door de Roi Sanchie terug naar een andere top, waar we een van de auto's hadden geparkeerd. En het werd inderdaad een lange tocht omdat de vegetatie veel dichter was dan we hadden voorzien. Het kostte ons ruim 6 uur voor een afstand van 5 kilometers. Maar het was elke minuut waard, want we liepen door een ongelooflijke mooie natuur, waarbij je je af en toe afvroeg of je nog wel op Curaçao was.

Roi Sanchie 20131219 009 small

We troffen elkaar bij de ingang van het Christoffelpark om 8 uur 's morgens. Daarvandaan reden we naar een subtop van de Seru Gracia en we parkeerden een van de auto's op een andere top, waar we onze wandeling zouden eindigen. 

Eerst keken we of we de zeldzame orchidee weer konden vinden, die we de vorige keer hier hadden gezien. En inderdaad vonden we weer enkele exemplaren, sommige bloeiend, andere niet. Het is de minst bekende van onze lokale orchideeën. Het is een klein plantje, dat alleen op stenen groeit.

We daalden af langs de helling van de Seru Gracia; dat was niet gemakkelijk door de steilheid van die helling en door de losliggende stenen. We bereikten op de helling de stapelmuur, die de grens vormt tussen Zevenbergen en Knip. We vervolgden onze tocht aan de Knip-zijde van de grens. Daar daalden we af tot in de rooi. Daar stond, ondanks de regen van de afgelopen tijd, gelukkig geen water in. Maar vanwege die regenval was de natuur wel weelderig groen en bloeiden veel planten.
Een groot deel van de tocht konden we in de rooi zelf lopen, maar soms werden we gedwongen de zijkant op te zoeken, omdat de begroeiing te dicht was in de rooi. Er was geen doorkomen aan. 
Op een gegeven moment vonden we een stuk van de rooi, dat was omheind. Binnen het hek stonden diverse palmbomen van een soort, die ik niet ken. Mogelijk is dit een zeldzame lokale soort, of het is een hier in het verleden aangeplante palm. Binnen het hek stonden ook aparte oranje paddestoelen. En dichtbij vonden we ook nog een zeldzame hemiparasiet (halfparasiet). Een hemiparasiet is een plant, die een gedeelte van zijn voeding haalt uit de boom, waarop hij groeit. In dit geval gaat het om een familielid van de Maretak. Hij groeit op een knobbel van de gastboom en heeft oranje besjes. 

Na een rustpauze gingen we verder in de richting van Pos Kayuda. De put zou moeten liggen dicht bij de rooi, maar hij lag duidelijk niet op de plek, die is aangegeven op de Kadasterkaart van 1993. De Werbatakaart van begin 1990 heeft geen exacte aanduiding van deze put; alleen de tekst dat hier een bron is. Toen we de put uiteindelijk vonden waren we verbaasd over de kleine omvang ervan. Waarschijnlijk is deze put gebouwd om gemakkelijker helder water uit de rooi te kunnen halen. De put lijkt cirkelvormig, maar is dat niet. Het lijkt erop dat er een soort ingang was aan een kant.
Dicht bij de put hielden we onze lunchpauze. Het was inmiddels even na 12 uur en we waren nog niet eens halverwege. 

We vervolgden onze tocht in de richting van Roi Sanchie. Toen we die rooi bereikten zagen we dat er water in stond. Dat leverde een beeld op alsof we in een regenwoud waren, maar maakte het wandelen niet gemakkelijker. Gelukkig vonden we iets dat op een pad leek aan een van de zijkanten van de rooi. We vonden zelfs een krentenbol, die zo te zien nog niet lang geleden was achtergelaten. 
We vonden de oorsprong van het water ongeveer halverwege de rooi. Daar is een kleine bron, waarin een palm groeit en die is afgeschermd door een stapelmuur om te voorkomen dat er materiaal van de helling in de bron rolt. Deze bron is aangegeven op de Werbata-kaart, maar niet op de recentere Kadasterkaart. Voorbij dit punt stond er geen water meer in de rooi, 

Op een gegeven moment moesten we de rooi verlaten om de helling te beklimmen naar de auto, die we boven hadden geparkeerd. Met enige improvisatie was het mogelijk om alle zeven wandelaars in die ene auto te krijgen, waarna we reden naar de Seru Gracia, waar de andere auto's stonden geparkeerd.

Een prachtige tocht door een stukje Curaçao, dat helaas onbekend is bij de meeste Curacaoenaars.

Er kunnen geen rechten worden ontleend aan dit verslag.