Bau Seroe - het verdwenen dorp

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Langs de weg van Santa Crus naar Barber ligt ongeveer halverwege tussen het begin en de afslag naar Soto op die weg aan de rechterkant het kleine gebied Bau Seroe (Spelling Werbata). Bij vergelijking van de kaart van Werbata uit 1906 en de kaart van Kadaster van 1993 van hetzelfde gebied blijkt er een opvallend verschil. In 1906 staan er in Bau Seroe 16 stenen (rood aangegeven) en 14 lemen (zwart aangegeven) huisjes met daartussen een put. Op de kaart van 1993 is datzelfde gebied leeg op twee moderne woningen na. Alle huisjes uit 1906 zijn verdwenen; alleen de put is er nog. Mogelijk dat het hier om een dorp van vrijgemaakte slaven ging. Meer dan voldoende reden om op onderzoek uit te gaan.

Bau Seroe 20120913 000 small

Op donderdag 13 september verzameldend de speurneuzen François, Fred, Michèle, Dirk, Karel, Hetty, Eddy en ik zich om 8:30u tegenover het te onderzoeken gebied. Vandaar trokken we het gebied binnen. Het stuk grenzend aan de weg is sterk vervuild met hedendaags afval en is bovendien moeilijk toegankelijk door wabi's en infrou's. Iets verder naar binnen verdwijnen de wabi's, maar de infrou's blijven behoorlijk hinderlijk. Iedereen plukt regelmatig afgebroken schijven van broek, handschoen of schoen. De stekels hebben dan hun werk al gedaan en blijven ook vaak achter. Ook de Palu di Lele laat letterlijk zijn sporen na in de vorm van bloederige krassen in de armen. Zoals Eddy tijdens een vorige wandeling eens opmerkte, deze tochten vereisen niet alleen uithoudingsvermogen, maar betekenen ook afzien. Maar dat wordt graag voor lief genomen.

Al vrij snel ontdekken we artefacten in de vorm van kleine scherven van kruiken, kelderflessen, andere flessen en serviesgoed. Maar geen funderingen van huisjes. Op één plaats vinden we een klein stuk in een regelmatige vorm liggende diabaasstenen, die mogelijk het restant zijn van een fundering. Maar dat is dan ook alles. Het dorp is met de grond gelijk gemaakt en volledig verdwenen. De hele omgeving heeft het karakter alsof het is schoongemaakt. We vinden een deels onder de grond liggende autoband, die dit buldozerwerk bevestigt.

Dat er bewoning is geweest is duidelijk uit de vele artefacten. Naast de vele scherven vinden we o.a een po en Hetty vindt zelfs een oud strijkijzer. Tussen de vele scherven van flessen ligt een bijzondere scherf met daarop een afbeelding van een persoon, die een fles in zijn hand heeft en de tekst Cosmo (rest afgebroken). André Rancuret heeft me inmiddels laten weten dat dit een zogenaamde Cosmopoliet fles is. De afbeelding is een mannetje gekleed in een jas en met een hoed op; hij heeft een wandelstok in zijn ene hand en een jeneverfles in zijn andere hand. Deze flessen dateren van 1800 - 1850. Een zeldzaam exemplaar, maar helaas niet meer compleet.

Na enig zoeken vind ik de op de kaart aangegeven put. Het is een grote put, waarvan een gedeelte van de rand is ingestort. De put staat droog. Opvallend detail is dat in de wand van de put nog twee stapstenen zichtbaar zijn, die blijkbaar zijn aangebracht om zonodig uit de put te kunnen klimmen. Maar dan moet het water vrij hoog hebben gestaan, want anders zijn de stenen niet bereikbaar.

Het is behoorlijk warm en we nemen dan ook de nodige rustpauzes in de schaduw van de cactusbossen. Tegen twaalf uur zijn we weer bij het beginpunt. Het geheim van het verdwenen dorp hebben we niet kunnen oplossen al lijkt de meest voor de hand liggende conclusie dat het gehele terrein is schoongemaakt, mogelijk voor landbouw. Wat er met de bewoners van het dorp is gebeurd zou alleen te achterhalen zijn door de oude mensen, die nog in de buurt wonen, hierover te ondervragen.