Bull's eye en Kueba Shingot

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Op donderdag 23 juni 2011 trokken François, Fred, Michèle en ik naar de vlakte van Hato om op zoek te gaan naar een grot, die daar zou zijn in de rotswand tegenover Bull's Eye. Die grot zou mogelijk in gebruik zijn geweest voor munitie opslag en het verhaal gaat dat die grot zou doorlopen tot bij Bullenbaai. En dat laatste maakt een onderzoek al helemaal de moeite waard.

Vlakte_van_Hato_20110623_006_smallEerst reden we over de vlakte van Hato, die door de recente regen, plaatselijk toch nog behoorlijk nat was, naar het Bull's Eye. Bull's Eye, in het Nederlands Schietschijf, is precies dat; op de rotsvlakte zijn drie concentrische ringen uitgezet met stenen om zo een zeer grote schietschijf te creëren, die gebruikt kon worden als doel voor dummy vliegtuigbommen. De hierna volgende informatie is verstrekt door Karel Boon:
"Deze doelen werden in WOII reeds gebruikt. Onder andere door alhier gestationeerde B-25 en A-20 (Havoc) bommenwerpers. Deze toestellen werden voornamelijk ingezet voor onderzeeboot bestrijding vandaar de geringe afmeting van de bommen. Ik vermoed overigens dat veel van de “kleinere”bommen destijds geworpen zijn door Avenger achtige toestellen, misschien ook wel na WO II. "
Binnen de concentrische ringen, maar ook daarbuiten richting de kust, liggen nog veel restanten van de ijzeren bommen; nu voor een belangrijk deel vergaan door de roestvorming. Daarnaast vinden we ook nog restanten van betonnen bommen, die mogelijk ook voorzien waren van een ijzeren kop. Ik heb richting de kust een tweetal ijzeren koppen gevonden, die mogelijk gebruikt zijn als de voorkant van zo'n betonnen bom. We hebben uit de restanten één zo'n betonnen bom deels kunnen reconstrueren (zie foto hierboven).

Daarna richtten we onze aandacht op de rotswand tegenover deze schietschijf. Eerst liepen we daarlangs aan de onderzijde; zodra we een begaanbare helling naar boven vonden, zijn we boven op de kliprand gaan lopen, waarbij François en Fred een route aanhielden dicht langs de rand, Michèle er voor koos om weer beneden langs te gaan en ik een eindje verder van de rand af ging lopen. Mijn val van de rotswand vorig jaar heeft me wat huiverig gemaakt om erg dicht bij de rand te lopen. Voordeel van deze spreiding is bovendien dat we meer terrein verkennen. Zo vond ik, verscholen onder een wabi, een meetpunt van het Kadaster. Maar van een grot hebben we niets kunnen vinden en helaas ook geen enkele aanduiding dat hier een post is geweest om uit te kijken op het bull's eye terwijl er geoefend werd.

We hadden nog wat tijd over en besloten een bezoek te brengen aan de Kueba Shingot; dat is een grot, vrij dicht bij de kust, waarin je via een gat in de grond kunt afdalen tot bij een ondergronds zoetwater meertje. Uniek Curaçao heeft een keurig pad aangelegd tot bij de ingang van de grot, maar wij zijn er met de auto, over een redelijk begaanbare weg langs de kust, naartoe gereden. In de grot vonden we nog een bijzonder, maar eigentijds, artefact, dat we voor de volgende bezoekers hebben laten liggen. Wat we gevonden hebben ga ik niet vertellen; de nieuwsgierige lezer zal zelf moeten gaan kijken om dit te achterhalen.
Het pad loopt tot bij het meertje; het lijkt erop dat het water recent wat hoger heeft gestaan, want het pad was uiterst modderig. Na korte tijd hielden we het voor gezien en zijn we weer in de auto's gestapt om terug te rijden naar ons beginpunt.