Seru Francisco Jobo - verder naar het zuiden

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Seru Francisco Jobo 20160310 022 smallOp donderdag 10 maart gingen de archeologische speurneuzen weer terug naar de Seru Francisco Jobo voor verder onderzoek. De afgelopen weken hebben we de oostelijke helling onderzocht en een klein deel van de westelijke (Jerimi) helling van deze berg op sporen van mangaan mijnbouw. Behalve de twee reeds bekende mijngangen, een open en een ontoegankelijk, vonden we diverse voorheen onbekende plekken, waar dagbouw van mangaan heeft plaatsgevonden. Dat bracht ons tot de conclusie dat de twee gangen niet het resultaat zijn van werkelijke winning van mangaan, maar dat het proefboringen zijn om vast te stellen of er ook mangaan binnen in de berg te vinden was. Blijkbaar was dat niet het geval, in ieder geval niet in voldoende hoeveelheden, en dat verklaart waarom er niet meer mijngangen in deze berg te vinden zijn. Vrijwel overal ter wereld wordt mangaan gedolven in oppervlaktemijnen (dagbouw). Blijkbaar was dat ook het geval op Curaçao zij het dat de hoeveelheden blijkbaar niet voldoende waren voor rendabele exploitatie. De mijnen zijn alweer verlaten na een jaar.

Wat we deze keer wilden onderzoeken is of er ook mangaan te vinden is op de zuidelijke helling van de Seru Francisco Jobo en of er mangaan te vinden is aan de Jerimi kant van de berg waar de verwerkingseenheden zijn te vinden. De laatste keer dat we de Jerimi-zijde hebben bezocht (vorige week), hebben we daar geen sporen van mangaan gevonden.

We parkeerden onze auto's wat zuidelijker dan de vorige keer en begonnen aan onze tocht de heuvel op. We passeerden een stapelmuur en gingen verder tot we bij de oppervlaktemijn aankwamen, die we de vorige keer al hadden gezien. Daarvandaan gingen we in zuidelijke richting. We vonden mangaan vrijwel overal langs onze route totdat we de "hoek" bereikten, waar we noodgedwongen verder gingen in westelijke richting over de zuidelijke helling. Vanaf dat punt werd de hoeveelheid mangaan geleidelijk kleiner en ook de kleur van de rots veranderde. Overal waar we mangaan vonden, was dit op roodachtige gesteente; die kleur verdwijnt geleidelijk op de zuidelijke helling. Daar treffen we het normale Knipgesteente aan zonder sporen van mangaan. Blijkbaar is mangaan alleen neergeslagen in het gedeelte dat nu het hoger gelegen deel van de oostelijke helling en een klein deel van de zuidelijke helling vormt van de Seru Francisco Jobo.

We vervolgden onze tocht in de richting van een andere top van de Seru Francisco Jobo. Daar zochten we naar een Kadaster meetpunt, maar troffen er geen aan. Niet zo gek, want we hadden er al een gevonden op een andere top van deze berg. Maar we wilden het zeker weten.

Daarvandaan gingen we terug over de stapelmuur totdat we weer uitkwamen bij de al bekende mijngang. De afdaling was daardoor redelijk gemakkelijk, want we konden het aangelegde pad volgen naar de zandweg. Over de zandweg liepen we terug naar onze auto's. Daarmee kwam er een einde aan onze voorlopig laatste tocht naar de Seru Francisco Jobo.

Onze conclusies zijn dat hoogstwaarschijnlijk de mijngangen proefboringen zijn en niet het resultaat van daadwerkelijke mangaanwinning. De mangaanwinning vond plaats in oppervlaktemijnen, waarvan we er diverse vonden over een groot gedeelte van de hoger gelegen delen van de oostelijke helling van de Seru Francisco Jobo. De overgang vindt plaats op de zuidelijke helling, waar het voorkomen van mangaan geleidelijk verdwijnt en we weer het normale knipgesteente aantreffen. We vonden geen mangaan aan de westelijke (Jerimi) kant van deze berg. Hoogstwaarschijnlijk zijn de verwerkingseenheden en de overige (Newtown) gebouwen aan de Jerimi-zijde geplaatst omdat het daar gemakkelijker was om terrein te vinden. Uit de geschiedenis is overigens duidelijk dat de hele mangaanwinning geen succes was en dat de gebouwen al na een jaar werden verlaten.

Tijdens de vorige tocht had ik een aantal stenen meegenomen en afgelopen week had ik de tijd om die in wat meer detail te bekijken. Fred had me al verteld dat het mangaan, dat we aantroffen, niet geleidend was, ook al is het een metaal. I heb dezelfde test uitgevoerd en kan inderdaad bevestigen dat er een onmeetbare hoge weerstand is tussen twee punten op aaneengesloten mangaan. Ik heb eenzelfde test gedaan op een andere steen, die ik meegenomen had. Die had een opvallend dikke donkere, bijna zwarte korst. Nauwkeuriger bekijken van deze steen liet zien dat er ook lichter gekleurde delen in deze korst voorkwamen. Metingen aan deze steen toonden een ander resultaat. Het donkere materiaal heeft een onmeetbaar hoge weerstand, maar het lichtere, donkergrijze materiaal heeft een vrij lage weerstand van minder dan 1 kOhm tussen twee punten op 2 cm afstand. Een ander interessant gegeven is dat dezelfde lage weerstand wordt gemeten als de meetpennen op twee door het donkere materiaal gescheiden lichtere delen worden geplaatst. Blijkbaar loopt het lichtergekleurde materiaal door onder de zwarte korst. Het lichtere materiaal zou ijzererts kunnen zijn. Een foto gemaakt met een macrolens laat kleine kristallen zien in dit materiaal. \

Foto's van de wandeling zelf volgen hieronder.