Cas Abou - put, auto wrakken en vroegere bewoning

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Cas Abou 20150903 055 smallOp donderdag 3 september gingen we nogmaals naar Cas Abou. Deze keer hadden we drie doelen: onderzoeken van een bijzondere put, zoeken naar voormalige bewoning ten zuiden van het landhuis en als laatste het zoeken naar een groot gebouw en voormalige bewoning ten noorden van het landhuis.
We hadden voor deze tocht een speciale gast, Frensel Mercelina. Ook was Karel Aster er weer bij na zijn vakantie in Europa. En natuurlijk de vaste speurders, François, Fred, Hetty, Eddy en ik. 

De put was tijdens een van de eerdere tochten ontdekt. Hij is bijzonder vanwege een vreemde richel dicht bij de bodem en omdat er een grote hoop aarde in ligt. Om deze put 'diepgaand' te onderzoeken had François een 6 meter lange ladder meegebracht. Dus liepen we tijdens het eerste deel van deze tocht met een lange ladder door de mondi. De afstand tot de put was ongeveer 300 meter. Gelukkig was de vegetatie niet al te moeilijk om doorheen te gaan met deze ladder.
Na aankomst bij de put begonnen we met het verwijderen van de over en op de rand groeiende  planten. Daarbij kwamen we erachter dat we een nieuw gereedschap nodig hebben. We hebben al een 'Dirkschaar", maar Frensel had een ander handig apparaat bij zich, de 'Frensel inklapbare zaag'. Een goede aanvulling voor onze standaard toolkit.
Na het schoonmaken van de rand plaatsten we de ladder in de put. Hij bleek maar net lang genoeg te zijn.. 

François was de eerste om in de put af te dalen, gevolgd door Fred en enige tijd later Eddy. We besloten om niet met meer dan drie personen tegelijk in de put te zijn, dus de anderen moesten rustig op hun beurt wachten. Na uitgebreide bestudering besloten we dat de richel een natuurlijk iets was, dat de bakstenen, die er handgemaakt uitzien, toch gewoon natuurlijk gevormde zandstenen blokken zijn en dat een gedeelte van de zijwand bestaat uit kleischalie. De stapel aarde op de bodem komt van buiten de put; blijkbaar is er een ruimte aan de buitenkant en een gat aan de onderkant, waardoor de aarde van buiten de put in kan stromen. Buiten de put is er dan ook een behoorlijke kuil naast de put. Die grond ligt nu dus in de put.
Dit kan een put zijn die vanaf het begin mislukt is door constructiefouten gecombineerd met een bijzondere ondergrond. 

We gingen terug naar het landhuis met de ladder. Die lieten we daar achter voor de rest van de tocht. Na een pauze gingen we via de weg zuidwaarts naar de lokatie van het eerste huisje op de kaart. Daar gingen we de begroeiing weer in. Al snel vonden we diverse artefacten, maar geen duidelijke sporen van een fundering. Vreemd genoeg vonden we ook een Melongena schelp en iets verder een Karko schelp. Waarschijnlijk heeft hier in het verleden een verzamelaar van schelpen gewoond. 
We gingen terug naar de weg om verder te gaan richting twee andere huisjes op de kaart. Daar vonden we twee mooie autwrakken netjes naast elkaar geparkeerd alsof ze zo waren achtergelaten door de eigenaren, toen die hier wegtrokken. Op enkele van de onderdelen vonden we het Chevrolet merkteken. Onze inschatting op dat moment was dat het gaat om auto's van net na de tweede wereldoorlog. Maar Fred ging aan het zoeken op Internet met een gietnummer, dat we op een van de onderdelen vonden. Daaruit blijkt dat minstens een van de twee wrakken dateert van 1933. Een respectabele leeftijd. 
Nadat we bij de autowrakken rond 10 uur onze traditionele appelpauze hadden gehouden vervolgden we onze zoektocht naar huisjes. Deze keer hadden we iets meer geluk. Op één plaats vonden we een deel van een vloer. Een duidelijke indicatie dat hier een huis heeft gestaan.

We gingen weer terug naar de parkeerplaats van het landhuis om het derde en laatste deel van onze tocht te beginnen. Dicht bij de magazina naast het landhuis staat op de Werbatakaart een groot gebouw getekend. Dat bleek een tweede magazina te zijn. Een van de achtermuren is ingestort. Erachter is een latere uitbreiding gerealiseerd. Dat lijken toiletten geweest te zijn. 
We vervolgden onze speurtocht naar het Noorden in de richting waar op de Werbatakaart enkele huisjes zijn aangegeven. We vonden in dat gebied veel artefacten maar geen funderingen. Maar onze conclusie op basis van de gevonden artefacten is dat hier een of meer huisjes hebben gestaan. 
Terwijl de anderen terug gingen naar de auto's staken Hetty en ik nog een gedeelte over dat duidelijk gebuldozerd is. Een stukje verder vonden we een groot veld Sansevierias dicht bij de weg, een duidelijk teken van vroegere bewoning. Toen we daar de begroeiing ingingen kwamen we op een veld met veel artefacten terecht. En daarna zagen we de restanten van een kunuku huisje. Een gedeelte van de muren staat nog overeind. Enkele traptreden leiden naar de ingang. Ernaast iets dat waarschijnlijk de restanten van een fornu zijn. Ook troffen we nog een aantal rechtopstaande Brasia stammetjes aan, die zijn gebruikt bij de constructie van de muren. Dit huisje is dus op een traditionele manier gebouwd. Een leuke vondst ter afsluiting van deze speurtocht.