Porto Marie, landhuis en dorpje

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Porto Marie Landhuis 20150319 023 smallOp donderdag 19 maart 2015 gingen we naar de plantage van Porto Marie. Niet de eerste keer dat we hier komen, maar is er nog genoeg te onderzoeken. Deze keer bezochten we de ruïne van het landhuis en gingen we op zoek naar restanten van het voormalige dorpje aan dezelfde kant van de asfaltweg als het landhuis. Op de Werbata kaart van het begin van de 20e eeuw zijn ten Noordoosten van het landhuis veel huisjes aangegeven. Een extra reden voor ons onderzoek is dat het management van Porto Marie ons gevraagd heeft na te gaan of er zaken van historische waarden in dit gebied te vinden zijn, zodat daarmee rekening gehouden kan worden in de toekomstplannen.

We troffen elkaar vóór het hek om 8 uur 's morgens. Op dat moment is het gebied nog niet toegankelijk voor publiek, maar er zou iemand komen om het hek voor ons te openen. We hadden twee gasten op deze dag, Chris Winkel en Charles Do Rego. Nadat we het gebied binnen waren gegaan, parkeerden we onze auto's dicht bij de zandweg, die naar de ruïne van het landhuis leidt. Daarvandaan gingen we verder te voet.

Blijkbaar is het landhuis afgebrand na een blikseminslag in 1929 (informatie van Robert Rojer via Gerard van Buurt); gelukkig is de ruïne nog wel aanwezig. Vanaf de zandweg leidt een houten trap naar de verhoogde vloer van en rondom het landhuis. Op die vloer staan nog enkele muren van het landhuis. Aan de andere kant is de originele stenen trap nog in redelijke staat aanwezig, al begint die aardig overwoekerd te raken door planten. Onder de vloer is een waterkelder gebouwd. De ingang is een rechthoekige opening in de vloer. Vanaf die ingang liet ik mijn camera een kijkje onder de vloer nemen. Er bleek een boogvormige opening te zijn naar een tweede kamer. De buitenmuur van de waterbak heeft een overloop. Volgens Chris Winkel speelde de grote vloer mogelijk ook een rol bij de opvang van regenwater naast de normale opvang via het dak van het landhuis. Dat verklaart dan ook waarom de ingang naar de waterkelder in die vloer is aangelegd. Een interessante gedachte.

Naast de ruïne van het landhuis is er een grote koraal en een gebouw dat gediend kan hebben als stal voor 4 paarden. Vervolgens gingen we naar het moderne woonhuis, dat momenteel niet meer bewoond is. Naast dit huis zijn er twee magazina's en de ruïne van een klein huisje. De kleinste van de magazina's is nog grotendeels in de originele staat, althans aan de buitenkant. De grootste magazina van de twee is compleet gemoderniseerd en half open. Eraanvast gebouwd is een modern appartement.

Ons volgende doel was het gebied waar het dorpje geacht wordt te zijn. Dat bleek een gebied te zijn volledig bedekt met grote velden Infrou (schijfcactus), zuilcactussen en andere vegetatie. Geen gemakkelijk terrein om in te zoeken naar restanten van huisjes. Toch vonden we al snel een eerste vloertje. En we bleven restanten vinden van funderingen, vloeren, een ingang met twee treden en een uitgang van een huis. Ook vonden we veel artefacten, zoals jeneverkruiken, kelderflessen, glazen flessen, een po, een scharnierpen en een oud strijkijzer. Meer dan voldoende bewijs voor de aanwezigheid van het dorpje hier. En de Werbata kaart bleek vrij nauwkeurig te zijn in dit gebied, want de meeste van onze vondsten waren dichtbij de op de kaart aangegeven plek. Een van de huisjes, die we vonden, was nog redelijk intact. Het was een huisje met twee kamers; de muren waren nog deels aanwezig, al was het dak volledig verdwenen.
Daarmee kwam een einde aan onze speurtocht voor die dag. We liepen verder over de zandweg naar de asfaltweg, waarlangs onze auto's geparkeerd stonden.
Een interessante tocht; slechts één nadeel: ik vind nog steeds stekels van de Infrou in mijn benen na 4 dagen.. Maar dat is onderdeel van dit 'werk'.