San Juan - hofi

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

SanJuan Hofi 20140925 024 smallOp donderdag 25 september gingen de archeologische speurneuzen naar de plantage San Juan. Deze keer was het doel de hofi's ten Noorden van het landhuis.
De auto's werden geparkeerd dicht bij de magazina. Daarvandaan liepen we in Noordelijke richting. We wilden naar de grote rooi gaan, die het water afvoert naar de baai van San Juan. Helaas werd ons de weg versperd door een dichte haag van Palu di lechi. We vervolgden onze weg naar het Oosten intussen zoekend naar een mogelijkheid om door de vegetatie heen te komen. Dat lukte ons uiteindelijk en, eenmaal door de dichte haag heen, werd de vegetatie opener. Dat is ook wat we hadden verwacht van een gebied, dat als hofi is aangeduid op de Werbata kaart.

We volgden de rooi in de richting van een op de kaart aangegeven grote put. Fred zag die put als eerste, maar zag ook nog iets anders, een constructie, die aan een grote bak deed denken en die helemaal overdekt was met Palu di lechi. Toen we wat nauwkeuriger keken begonnen we te vermoeden dat het om een indigobak zou kunnen gaan. Na het verwijderen van de Palu di lechi konden we het geheel beter onderzoeken. De buitenmuur, die we zagen, leek de tussenwand tussen de bovenste en de middelste bak te zijn. We vonden nog delen met waterdicht pleisterwerk met daarin IJsselstenen in de hoek. Dat is wat we meestal aantreffen in een indigobak. Daarna gingen we op zoek naar de overloop tussen de bovenste en de middelste bak. Deze opening zit in het midden van de breedte van de middelste bak. Op basis van een inschatting van de breedte van de middelste bak vonden we inderdaad waterdicht pleisterwerk dat de onderkant van de opening heeft gevormd. De rest van de opening is afwezig. Maar daarmee hadden we de tweede aanduiding dat het om een indigobak zou kunnen gaan. De bovenste bak was helemaal gevuld met rotsen, dus we konden niet zien dat dit echt een bak was. François begon daarom stenen uit die bovenste tak te verwijderen. En door dat te doen kwam er een deel van de wand en een hoek vrij. Dit was het bewijs dat de bovenste structuur inderdaad een bak was en dat we hier te maken hebben met een indigobak. De bovenste bak hiervan is waarschijnlijk helemaal intact, al is hij gevuld met stenen. De middelste bak is grotendeels verdwenen; alleen het gedeelte, waarmee hij vastzit aan de bovenste tank inclusief de hoeken, zijn nog aanwezig. De rest van de middelste bak is er niet meer en er is ook geen spoor meer van de onderste, kleine bak.
De grote put maakt het plaatje compleet. Daaruit kwam het water dat nodig was voor de indigoproductie. Ook deze put is tot de rand toe gevuld met grond.
Al met al een grote vondst. Opmerkelijk is de kleine afstand tot het landhuis. Ongeveer 150 meter tot het hoofdgebouw in NoordNoordwestelijke richting.

Na een korte pauze vervolgden we onze weg in de rooi. De vegetatie was vrij open. Er waren veel Manzaliñabomen. In het hofi troffen we een aantal hoge kokospalmen aan. Fred was in staat om een noot te kraken door die op een scherpe steen te zetten en vervolgens met grof geweld er een andere steen steeds weer op te gooien totdat de noot spleet. De buitenkant kon daarna met de hand worden verwijderd door Carel. En daarna kon de binnennoot worden geopend door die tegen een rots te slaan. Nadat een aantal van ons een slokje van de kokosmelk hadden gedronken was Carel in staat om met zijn mes de kokos los te snijden van de schil. We hebben allemaal van de smakelijke verse kokos kunnen eten. Dat beviel zo goed dat we daarna Fred hebben gevraagd nogmaals in de boom te klimmen om een andere noot te halen. Hij kwam echter zo snel terug, dat we betwijfelen of hij in de boom is geklommen. Nadat we ook van deze tweede noot hadden gedronken en gegeten besloot François de route te verkennen richting de baai. Hij kwam al snel terug omdat de weg werd geblokkeerd door een dichte muur van Mangrove planten. Fred, Hetty en ik besloten toen om een nabijgelegen heuvel te beklimmen om van het uitzicht te genieten en naar een stenen muur te zoeken, die op de Werbatakaart is aangegeven. De muur vonden we niet, maar het uitzicht op het landhuis en de baai was de moeite waard. Bovendien konden we zien dat er geen kokospalmen stonden op de plek waar de kaart een tweede hofi aangaf. 
Nadat we weer naar beneden waren gegaan besloten we toch in de richting van het tweede hofi te lopen. Inderdaad geen kokospalmen, maar we troffen er wel twee grote Mahokbomen aan.

Daarna hadden we geen andere keus dan om terug te lopen in de richting van de indigobak, omdat het gebied, dat we hadden willen doorkruisen volledig was overwoekerd door Palu di lechi en daardoor ondoordringbaar was.

We staken de zandweg over en gingen naar de grote dam. Volgens de Werbatakaart zou dat een aarden dam zijn, maar we troffen een grote stenen dam aan. Aan een van de uiteinden van de dam was een tanki. In de omgeving vonden we diverse cementen vloeren. We hebben nog even gerust op de dam en zijn daarna teruggewandeld naar de auto's.

Onze speurtocht eindigde in het restaurant van Dokterstuin, waar we de verjaardag van Carel vierden.

Er kunnen geen rechten worden ontleend aan dit verslag