Sint Hieronimus

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Op donderdag 25 oktober hadden de speurneuzen toestemming om het terrein van de plantage Sint Hyronimus (Werbata spelling) te betreden. François en Fred waren daar al eerder geweest en ook Eddy had er al eens een bezoek aan gebracht, maar voor de anderen was het de eerste keer. De groep was voor deze gelegenheid uitgebreider dan normaal. Naast de vaste deelnemers, François, Fred, Michèle, Carel, Eddy, Hetty en ik, waren deze keer ook Rita, de zus van Fred, en Anita en Henk aanwezig. Anita en Henk proberen zoveel mogelijk landhuizen van Curaçao in kaart te brengen. Landhuis Hieronimus ontbreekt nog in de collectie en dus was dit de perfecte gelegenheid om aan te sluiten bij de wandeling. Michèle en Anita waren beiden gehandicapt door een voetblessure.

Sint Hyronimus 20121025 037 smallDe start van de wandeling werd korte tijd vertraagd vanwege een forse regenbui met veel donder. Maar, toen de regen nagenoeg gestopt was, begonnen we onze tocht.
Vanwege de "gehandicapte" deelnemers en omdat we dezelfde weg terug zouden nemen, besteedden we extra tijd om een goed pad te knippen in de mondi. We gebruikten daarbij de route over de weg, die op de Werbatakaart nog is aangegeven, maar die in werkelijkheid op veel plaatsen nog nauwelijks als zodanig herkenbaar is.
Al snel waren we allemaal vrij nat, want, hoewel het regenen gestopt was, waren alle bomen en struiken nog ruim voorzien van druppels. Die druppels vonden het maar al te fijn om over te springen op de passerende wandelaars.

Onderweg zagen we vele prachtige exemplaren van de Palu di Sia (Zadelboom); die werden in het verleden aangeplant langs de kant van de weg. Inmiddels zijn de bomen uitgegroeid tot indrukwekkende exemplaren met een stam, die zich in allerlei bochten lijkt te wringen en wortels en takken, die zich tot ver van de stam uitstrekken. Een mooi gezicht. Ook de rest van de natuur liet zich van haar beste kant zien; diverse struiken en bomen zijn vanwege de recente regenval in bloei en op de grond en op boomstammen zien we ook weer allerlei paddestoelen en zwammen.

Na enige tijd bereikten we een eindje naast de oude weg een hoge muur van de vroegere magazina. Vreemd genoeg staat hiervan nog maar één lange muur. In beide richtingen is geen restant te vinden van de tegenoverliggende muur. Waarschijnlijk zijn de overige muren, inclusief fundering, afgebroken om de stenen elders te gebruiken. Er liggen alleen nog veel kleine stenen op de grond.

Links van de oude weg treffen we vervolgens de grote koraal aan. Daarvan zijn alle vier de muren nog goed herkenbaar. In een van de hoeken van de koraal is een hoog en smal huisje gebouwd, het zogenaamde melkhuisje. François heeft deze naam tijdens een eerder bezoek opgepikt. Het is een smal langwerpig huisje. Een lange zijmuur en de achtermuur maken deel uit van de muur van de koraal.
Binnen de koraal treffen we ook een aantal kolommen aan, die gepleisterd zijn met een specie gemaakt van gemalen rode dakpannen. Een dergelijke specie is waterdicht.  Vreemd genoeg staat er één duidelijk recentere kolom tussen van beton. Dat suggereert dat deze kolommen nog tot vrij recent een functie hebben gehad,; mogelijk vormden ze een ondersteuning voor een aquaduct van het landhuis naar de koraal.

Een klein eind verder ligt de ruïne van het landhuis. Vergane glorie. Duidelijk herkenbaar een sala met aan weerszijden een hoge doorgang met een fraai afgewerkte boog erin. In een van de zijmuren van de sala bevindt zich nog een, deels ingestorte, doorgang of raam. Voor het overige lijkt het landhuis weinig ramen gehad te hebben. De achterwand bij de regenbak staat op instorten. Bij de vloer sluit die wand aan beide zijden nog aan op de zijwanden maar de kier tussen achterwand en zijwanden wordt steeds breder hoger op de muur. Een kwestie van tijd en dan valt de hele achtermuur om. Dan verliezen ook de zijmuren hun steun en het gevolg is dat van het landhuis alleen nog een stapel stenen overblijft.

Achter het landhuis ligt een waterbak. Die sluit aan op de hoek tussen achter- en zijmuur. Water wordt aangevoerd via een holle kolom in de muur; vergelijkbaar wat nu met een regenpijp wordt bereikt. De bak zelf is aan de binnenzijde bekleed met rode bakstenen met daarover een pleisterlaag. Die pleisterlaag is op veel plaatsen inmiddels verdwenen.

Op de Werbatakaart staat dichtbij nog een dorpje aangegeven. We bezoeken daarvan de ruïne van het dichtsbijstaande stenen huisje. Door Fred passend "Yellow house" genoemd vanwege de gele kleur die nog her en der op de muren zichtbaar is. Het merkwaardige aan deze ruïne is dat die deels bestaat uit de restanten van een traditioneel gebouwd kunukuhuis (vlechtwerk van takken is nog duidelijk zichtbaar) en voor een ander deel uit modernere betonblokken. Waarschijnlijk is het huis later hersteld of verstevigd met die modernere bouwmaterialen.

Via het eerder gebaande pad gaan we weer terug naar de auto's. Daar splitst de groep zich. François, Henk, Anita en ik gaan huiswaarts en de rest gaat nog verder om per auto de op dit terrein liggende Tafelberg te beklimmen. Dat laatste blijkt nog een heel avontuur te worden.