Bullenbaai

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Na enkele weken van gedwongen rust vanwege rugklachten kon ik me op donderdag 31 maart weer aansluiten bij de wekelijkse wandeling van enkele leden van de werkgroep Archeologie van NAAM. De tocht ging naar Bullenbaai. Inmiddels waren François, Fred en Dirk hier reeds enige malen op speurtocht geweest op zoek naar aanwijzingen van verdedigingswerken uit de Tweede Wereldoorlog. De Curaçao Oil Terminal was een potentieel doel voor een aanval door Duitse onderzeeërs, dus deze plek moet afweerstellingen hebben gehad. Eerder al hadden we op basis van aanwijzingen van een van de bewoners langs de weg naar Bullenbaai een munitiebunker gevonden. Tijdens een van de recente tochten hadden François en Fred haken in de grond gevonden, die waarschijnlijk zijn gebruikt om een mobiel kanon te verankeren. Maar de verwachting is dat er meer moet zijn geweest, zoals een uitkijkpost en/of een tweede kanonstelling.

Bullenbaai_20110331_020_smallDeze keer wilden we de heuvel achter en ten Oosten van de olieterminal verkennen. Vanaf de parkeerplaats volgden we eerst de zandweg achter de olieterminal totdat we een gunstige plek vonden om langs de heuvel omhoog te gaan. De begroeiing was niet al te dicht en op enkele plaatsen troffen we zelfs open plekken met gras.
Maar de heuvel achter de olieterminal bleek bij nader inzien toch niet zo'n slimme keus voor de plaatsing van een kanon, want dan zou je immers over de olietanks heen moeten schieten. We besloten het dus hogerop te zoeken richting de top van de heuvelrug. Langs de heuvelrug trokken we vervolgens richting het Oosten op zoek naar een plek waar je een goed uitzicht gehad zou hebben over de Bullenbaai en de olieterminal.
We vonden niet wat we zochten. Wel ontdekten we een muur, die noch op de Werbatakaart noch op de Kadasterkaart van 1993 voorkomt. En we constateerden dat er in het verleden met een bulldozer gewerkt moet zijn, want er zijn nog vrij open wegen te zien en heuvels met opgeschoven aarde. Maar, afgezien van een deel van een fles geen artefacten, die wijzen op aanwezigheid van personen in de tweede wereldoorlog.En, omdat het lopen op de open wegen erg gemakkelijk gaat, blijken we bij aankomst op de kliprand vrij ver het binnenland ingetrokken te zijn. Ook geen geschikte plek voor een uitkijkpost.

Daarom besluiten we richting de munitiebunker te lopen. Onderweg stuiten we ineens op een oude cementrand met daarop kalksteen. In de omgeving vinden we meer van dergelijke cementen strips. De eerste blijkt een omgekeerd exemplaar te zijn. Er is blijkbaar cement gestort op een ondergrond van kalksteen. We vinden in de omgeving ook veel metalen kabelmantels. We concluderen dat de cementen strips waarschijnlijk gediend hebben als steunpunten voor of bescherming van de kabels. En, aangezien ze nu kriskras door elkaar liggen, is dat waarschijnlijk het werk geweest van de bulldozer.

Nadat we de pijpleiding van de COT gepasseerd zijn vinden we eindelijk iets dat zou kunnen wijzen op militaire aanwezigheid. Het ziet er op het eerste gezicht uit als een stapel oud roest. Maar Fred ontdekt daarin een lange ijzeren staak met onderaan een soort kurkedraaierschroef om de staak in de grond vast te zetten en bovenaan lussen om prikkeldraad aan te bevestigen. Verder zien we een tweetal ijzeren kasten, met een aantal deurtjes met gaas, die gediend kunnen hebben als lockers voor de aanwezige militairen. Er zit een plaatje op de kast met een nummer en op elk van de deurtjes is een plaatje waar een naam in geschoven kan worden.
Niet veel later komen we aan bij de munitiebunker. Voor Dirk en mij is het de eerste keer dat we hem zien. François gaat even praten met de bewoner van het dichtbij gelegen huis, die verontrust is komen kijken welke vreemde gasten er uit de mondi komen. Fred gaat het dak op van de bunker en Dirk en ik gaan naar binnen. Binnen treffen we veel vleermuizen, die overigens niet al te verontrust zijn door onze komst. Het grootste deel blijft rustig hangen of strijkt na een korte vlucht weer neer.
Fred ontdekt, dat het gemakkelijker is om op de bunker te komen, dan er weer vanaf te komen. Maar het lukt hem om gebruik te maken van een dichtbij staande paal om heelhuids beneden te komen.

Na een laatste rustpauze onder de boom lopen we over de weg terug naar onze auto's. Aangezien we vermoeden dat we nog niet alles hebben gevonden, zal het ongetwijfeld niet de laatste keer zijn dat we hier zijn.